Als gisteren beloofd: foto's van het B92-feest. Hierboven de laureaten van gisterenavond; mensen die tien, vijftien, danwel de volle twintig jaar bij het huis werken. Ze kregen allemaal een tasje met inhoud. Ik ben vergeten te vragen wat er nou in die tasjes zat, dus dat weet ik niet. Doet er ook niet zoveel toe.
Erg veel valt er niet te vertellen. Het was een gemoedelijk feestje, kleinschalig vanwege de beroerde financiële situatie, maar wel gezellig. Vooruit maar, een stuk of wat plaatjes van de aanwezigen, een soort van sterrenparade a la Story of Privé.
1. v.l.n.r. Uroš (landbouwverslaggever), Roksanda (presentatrice), Miloš (presentator), Aleksandra (verslaggeefster, presentatrice), Ana (verslaggeefster)
2. Milan (eindredacteur, verslaggever)
3. Zlatko (cameraman)
4. Veran (baas)
5 en 6. Sara, dochtertje van Igor (eindredacteur) en haar voetjes.
7 en 8. (de buiken van) Zaharije (landbouwspecialist) en Veran.
9. Ćirilo (programmamaker)
10. Aleksandra en Veljko (chef website) met maffiastijl zonnebril van Miloš.
Op een gegeven moment is zo'n feestje afgelopen en dan moet je weg. Dan rijd je door donker Belgrado,
kom je een hond of twee met rare glimogen tegen,
en beland je met Aleksandra, Miloš en Goran (radiomaker) in een kafana, waar anders...
Radio B92 bestaat vandaag twintig jaar (de tv kwam er pas later bij). Ooit begonnen als rebelse studentenradiozender, nu uitgegroeid tot het interessantsentste multimediabedrijf in Servie en omstreken. Niet altijd onomstreden, niet altijd even objectief, kwalitatief niet het beste station in de wereld, maar wel dapper en (vaak) tegendraads en natuurlijk stukken beter geworden, toen Aleksandra er in 2002 is gaan werken. Gefeliciteerd.
Als je Servisch begrijpt, kun je hier een vraaggesprek met oprichter en baas Veran Matic lezen. Hier kun je luisteren naar het speciale jubileumprogramma van het onnavolgbare duo Gorica en Dragan, die elke ochtend Dizanje presenteren. B92-radio zendt vandaag de hele dag vanuit het Pionirski Park uit.
Vanaf vijf uur is het feest op het dak van het B92-gebouw. Een bescheiden feestje, want de crisis heeft ook in de Servische media knetterhard toegeslagen. Ik denk dat ik er morgen wel wat plaatjes van kan laten zien.
Daar sta je dan in opdracht van je baas letters te schilderen op de garagedeur. Hangt er een verkeersbord in de weg. Wat doe je dan? Nou, dit dus. (Met dank aan Nikola voor de foto)
Ik heb gisterenavond gehangen op een hangplek. Schijnt in Nederland niet meer te mogen, maar hier is het heel gewoon, vooral onder mensen die niet genoeg geld hebben om altijd maar naar een café te gaan. Eerst ga je naar de winkel, koopt wat nootjes en een flinke lading bier en dan wandel je naar een muurtje, van waar je uitkijkt over de Sava.
Daar maak je veel pret en discussieer je bijvoorbeeld over de gevolgen van de economische crisis en nog zo wat van die onderwerpen en voor je het weet is het laat en wordt het echt tijd om naar huis te gaan.
Ik was gisteren op de joodse begraafplaats in Belgrado, een kleine oase van relatieve rust tegenover Novo Groblje en naast de herinneringsbegraafplaats voor de verdedigers van Belgrado, waar Tito's partizanen hun laatste rustplaats hebben.
Ik was er samen met fotograaf Dirk-Jan Visser. Die maakt een serie over het werk van de architect Bogdan Bogdanović, die op zijn beurt tal van monumenten heeft ontworpen (onder meer het herdenkingsmonument voor de slachtoffers van Jasenovac). Op de begraafplaats in Belgrado herinneren twee grote muren aan de joodse slachtoffers van de nazi's in Servië.
We kwamen er een oudere vrouw tegen, haast een symbool van eenzaamheid. Ze komt elke dag op de begraafplaats, vertelde ze. Ze bezoekt het graf van haar man en ze probeert de boel een beetje schoon te houden, raapt sigarettenpeuken en papiertjes op, zet zo nu en dan ergens bloemen neer en waarschuwt de bevoegde instanties als er (zoals op een van de foto's hierboven) een grafsteen dreigt om te vallen. Haar zoon en haar dochter wonen met hun gezinnen in Canada. Vrienden en vriendinnen heeft ze nauwelijks en ze is niet erg gezond. Haar enige verzetje is de dagelijkse gang naar de begraafplaats en een langdurig gesprek met twee nietsvermoedende buitenlandse bezoekers die daar toevallig zijn om foto's te maken van het Bogdanović-monument.
Aleksandra is gisteren teruggekomen uit Kroatië. Ze heeft drie dagen op kosten van JAT Airways en de Kroatische toeristenorganisatie in een chic hotel in Istrië gezeten. JAT vliegt vanaf nu twee keer per week naar Pula en dat moest gepromoot worden. Vandaar. Journalistiek gezien is het natuurlijk ver over de grens van het toelaatbare om je zo te laten feteren (heb een Russische laptop en daar zit geen dakje op), maar erg vind ik het niet, want Aleksandra heeft drie flessen overheerlijke wijn, een fles olijfolie en een zakje lavendel meegenomen. Vandaag monteer ik de eerste televisiereportage over Mitrovica. Gaat mooi worden, denk ik.
Deze post hoort helemaal niet op het Belgradoblog, maar ik heb zo ontzettend moeten lachen om dit filmpje, dat ik het jullie niet wil onthouden. Vader en zoon Griek (in zekere zin toch ook Balkan, ook al vinden de Grieken zelf van niet)) dansen een hilarische Ierse dans op Britain 's got talent (of zo). Ik kan er van alles over schrijven, maar kijk maar gewoon. Je lacht je ziek.
Het is zaterdagavond 9 mei, tegen middernacht. Bij gebrek aan champagne heb ik maar een een glas loza ingeschonken. Champagne? Jazeker, champagne (eigenlijk niet dus). Wat is het geval? Precies een jaar en een week geleden ben ik begonnen met het Belgradoblog. Waarom ik dat vorige week niet heb gevierd? Omdat ik er toen niet aan heb gedacht. Nu dus wel. Er is er een jarig hoera, hoera, dat kun je wel zien dat is het Belgradoblog, etcetera. Het huis had nu vol moeten zitten met een feestende menigte, maar ja, ik denk er nu pas aan. Zit ik in m'n eentje een glas loza te drinken. Wel triest, maar toch niet zo heel erg. En dan nu: echt Belgrado's VUURWERK!!!!!!
De traangasgranaten zijn er dwars doorheen gegaan. Afijn je ziet het.
Ik ben weer terug uit Mitrovica, een dag eerder dan de bedoeling was en dat heeft een positieve oorzaak: we hadden gewoon al het benodigde materiaal: beelden en audio van de protestbijeenkomst, interviews, kortom, ik denk dat ik mooie tv- en radioreportages in elkaar kan zetten.
Nog even in het kort. In Brđani, een dorpje vlakbij Noord-Mitrovica (en dus in het gebied waar de overgrote meerderheid Servisch is) zijn Albanezen begonnen met de herbouw van vijf huizen, die na de oorlog in 1999 zijn vernield door Serviërs.
Je zou zeggen dat daar niks mis mee is. Die mensen zijn destijds verdreven, hun huizen zijn kapot gemaakt, de oorlog is tien jaar geleden en het wordt dus tijd dat ze terug kunnen. Ik ga nu de reden van de protesten weergeven. Of ik het daarmee eens ben of niet doet niet ter zake. De Serviërs zeggen: in 1999, net na de oorlog, is er een akkoord gesloten dat bepaalt dat er sprake moet zijn van wederzijdse instemming als verdrevenen (zowel Serviërs als Albanezen) willen terugkeren naar een gebied waar de 'anderen' in de meerderheid zijn. Ze zeggen verder dat deze vijf families op eigen houtje zijn gaan herbouwen, dus zonder fiat van de Serviërs in de omgeving, en dat ze daarbij de steun hebben van de regering in Priština, die financieel bijdraagt.
Ze zeggen ook dat de politie EULex (plaatje, achter de muur), de EU-missie in Kosovo, de Albanezen steunt door de demonstranten tegen te houden als die de voortgang van de herbouw willen verhinderen.
Het is een merkwaardige en uiterst gecompliceerde toestand, die eens te meer aantoont dat het onafhankelijke Kosovo zich niet zo gunstig ontwikkelt als met name EU- en Navo-vertegenwoordigers ons willen doen geloven.
Die dagelijkse demonstraties verlopen overigens heel vreemd. Zo'n zeventig, tachtig mensen verzamelen zich op het dorpspleintje van Brđani, er worden vlaggen uitgedeeld en dan wandelt men gemoedelijk naar de plek van de confrontatie. Na een meter of vijftig krijgen ze van de (Servische) Kosovo-politie te horen dat ze niet verder mogen. Iedereen (inclusief de politiemannen) tovert zijn vriendelijkste glimlacht tevoorschijn (ze kennen elkaar allemaal) en de stoet loopt rustig verder. Even verderop staat een linietje Kosovo-politie op de weg, compleet met helmen, schilden en gasmakers. Opnieuw wordt de demonstranten verteld dat ze niet verder mogen en opnieuw wandelt de stoet om de linie heen.
Op dat moment begint de (internationale) EULex-politie traangasgranaten af te schieten en dat doet ze van harte en in ruime mate.
Het gevolg: de stoet stopt, trekt zich terug en probeert het via een andere route en dan herhaalt de geschiedenis zich een paar keer.
Het is, na twee weken, een vastgesteld scenario. Iedereen weet wat zijn rol is en iedereen houdt zich er keurig aan. In mijn reportage zal ik het "een rituele dans om de macht" noemen.
Cameraman Sale en ik heb geprobeerd dat zo goed mogelijk vast te leggen. Maandag gaan we monteren voor het Journaal, dinsdag voor het Journaal op 3 en ik moet de komende dagen ook nog radioreportages voor het Radio 1 Journaal en de Wereldomroep in elkaar zetten. Een en ander zal waarschijnlijk kort voor het bezoek van de Amerikaanse vice-president Joe Biden aan Kosovo worden uitgezonden. Om te vieren dat alles goed was gegaan, hebben Sale en ik voor terugkeer naar Belgrado ćepapčići gegeten in een kafana in Zvečan, iets ten noorden van Mitrovica. Ze waren alleen zo groot dat we er met geen mogelijkheid tien weggestouwd konden krijgen.
Mijn baas de NOS is niet zo beroerd als sommigen van jullie misschien denken. Ik heb toestemming gekregen om drie dagen naar Mitrovica te gaan om een televisie- en een radioreportage te maken. Zo'n onderwerp maak je normaal gesproken in één dag, maar de situatie in Mitrovica is niet normaal. Ik moet er heel voorzichtig proberen contacten te leggen om niet tijdens de demonstraties een klap op m'n kop of erger te krijgen. En zelfs dan kan ik niet voor de volle honderd procent garanderen dat die reportages er ook echt komen. Ik vind dat chic van de NOS, die eens te meer aangeeft het belang van afgewogen berichtgeving in te zien. In de tussentijd gaat het niet goed daar in het noorden van Kosovo. Een van de meest gematigde leiders van de Kosovo-Serviërs, Oliver Ivanović, heeft gewaarschuwd voor bloedvergieten. Volgens hem zijn de regering in Priština en de EU-missie in Kosovo (EULex) er op uit nog dit jaar de volledige controle over Noord-Kosovo te verwerven. "De verwerkelijking daarvan zou een horror-scenario zijn," zei Ivanović. "Er zal op grote schaal onrust uitbreken." Inmiddels heb ik contact met twee mannen uit Mitrovica die hebben toegezegd me een handje te zullen helpen. Dat is al een flinke stap voorwaarts. Morgen vroeg vertrek ik. Ik denk niet dat ik veel zal kunnen bloggen, maar ik zal jullie na terugkeer van alles op de hoogte brengen.
Het is, vrees ik, een kwestie van tijd en dan vallen er slachtoffers. Al elf dagen protesteren Kosovo-Serviërs uit Mitrovica in Brđani. Ze willen verhinderen dat er, met steun van Priština en internationale fondsen, een aantal huizen van Albanezen die daar tot de oorlog woonden wordt hebouwd, omdat zij naar eigen zeggen ook niet in het Albanese Zuid-Mitrovica kunnen wonen. Het protest is klein, maar heel fanatiek. Al dagen achter elkaar hebben de Kosovo-politie, de EULex-politie en Kfor traangas nodig om de demonstranten van zich af te houden. Een enkele keer hebben ze zelfs schokgranaten (stun bombs) moeten laten ontploffen. Ik vind het moeilijk om vanuit Belgrado te beoordelen wat er precies aan de hand is. Het kan best zijn dat het protest niet representatief is. Dat het, met andere woorden, de gemiddelde inwoner van Noord-Mitrovica geen moer kan schelen dat er een paar Albanezen terugkeren naar het noorden van Kosovo. Natuurlijk wordt er ook weer beweerd dat het een actie is van een handvol criminelen die er alleen op uit zijn hun misdadige belangen te verdedigen. Dat geloof ik niet erg. Ik moet er eigenlijk gewoon naartoe, hoewel ik bijzonder weinig zin heb om klappen te krijgen van fanatieke demonstranten. Nog maar even over nadenken.
Dat gaat gezellig worden: de vice-president van de Verenigde Staten van Amerika komt. Vanaf 18 mei is Joe Biden in de regio. Waarom weten we nog niet en het programma is nog niet precies bekend, maar vast staat dat hij Priština, Sarajevo en..... Belgrado zal bezoeken. Het zal de inwoners van Sarajevo waarschijnlijk een zorg zijn, in Priština zal hij als een held worden onthaald en in Belgrado... Ik denk dat de man hier niet erg welkom is. Serviërs houden niet erg van Amerikaanse politici, zeker niet als ze, zoals Biden, warme voorstanders waren van de Navo-acties in 1999. Samen met ex-presidentskandidaat McCain diende hij destijds in de senaat een resolutie in, waarin de toenmalige president Clinton de vrije hand kreeg om "alle noodzakelijke geweld en andere middelen", inclusief Amerikaanse grondtroepen (daar is het nooit van gekomen), in te zetten om Joegoslavië op de knieën te dwingen. Benieuwd hoe Belgrado gaat reageren (ik neem aan dat de Amerikaanse ambassade wat extra bescherming krijgt). Benieuwd ook wat jullie van dit bezoek vinden.
Er staat hiernaast al een hele poos een link naar de site van Fabian Vendrig. Fabian schreef me dat hij over twee weken op reis gaat naar de Balkan en dat hij zijn site heeft vernieuwd. Alle reden dus om hem de komende tijd in de gaten te houden.
Ik wist niet dat kinderen zo vermoeiend konden zijn. We hadden er drie. Anastasia uit Macedonië was er al en daar kwamen Mihaela en Damjan uit Niš gisteren nog bij. Wat een kakafonie, wat een bende, overal Lego, overal knuffels, gesjouw met flessen voeding, luiers. Pfffff. Gelukkig was het ook leuk. Mihaela ontpopte zich tot een ware showgirl. Kijk eens wat een fotomodel.
Microfoon en basgitaar waren niet veilig. Er moest opgetreden worden. En hoe.
Het zag er inderdaad wat dreigend uit. Water en sop kletste tegen de voorruit van de auto, een paar mega-borstels kwamen op ons af, geen ontkomen aan. Het was een gewone autowasstraat, maar Aleksandra had zoiets nog nooit eerder meegemaakt. Ze vond het helemaal niet leuk.
Merkwaardig karretje, vermoedelijk zelf in elkaar geknutseld. Of heeft iemand een idee wat het is? Staat er waarschijnlijk al een poos, want de rechtervoorband is leeg.
Je hebt er de Avenue van het Belgradose Electriciteitsbedrijf...
Je hebt er één olifant...
Je hebt er een struisvogel...
Er zitten wat katachtigen in veel te kleine kooien...
Je ziet er kleine meisjes die kleine geitjes aaien...
Ik ben, met andere woorden, vandaag in de dierentuin van Belgrado geweest. Niet alleen, maar met Kliment en Adriana uit Ohrid (Macedonië). Kliment is Aleksandra's neef. Anastasia, het dochtertje van Kliment en Adriana, was er ook bij. Hierboven staat ze achter de linker geit. Hieronder zie je haar beter. Lief meisje.
Je kunt ook niet even weg zijn of ze beginnen direct te meppen. Dit keer in Sarajevo. De beruchte schurk Tasim Kučević stond daar voor de rechtbank te wachten op de uitspraak in een zaak tegen hem. Hij had op grote schaal meisjes de prostitutie ingedwongen. Een tante van twee van die meisjes sprak hem daar op aan en toen gebeurde er dit. Pets, mevrouw op de grond, verslaggever van de landelijke televisie die erbij was tegen het hek geduwd. Gelukkig veroordeelde de rechter hem even later tot twaalf jaar gevangenisstraf. Niet vanwege de klap, wel vanwege de meisjes. Mij maakt het niet uit vanwege wat.
1 Mei, de dag van de arbeid waarop hier niemand werkt. Je kunt het beter de dag van de picknick noemen. Bossen en velden, het hele platteland van de regio geurt naar gegrilld vlees. Misschien dat er ergens nog twee nostalgische bejaarden op een pleintje staan te demonstreren, de namen van Tito, Hoxha, Zjivkov, en Ceausescu proberen levend te houden, maar het collectieve verlangen naar de communistische heilstaat is verder zo dood als een pier. Het was merkwaardig om woensdag dertigduizend demonstrerende vakbondsleden in Belgrado te zien, met 1 mei maar twee dagen later. Ik vrees dat zij hun vrije dag niet aan het protest wilden opofferen. “De globale economische crisis heeft Servië getroffen,” zei minister van arbeid, Rasim Ljajić, gisteren somber. “Ik kan alleen maar hopen dat dit een tijd zal zijn van ware sociale dialoog, dat we oplossingen zullen vinden om te gevolgen van de crisis te verlichten.” Het is voorwaar geen makkelijke periode voor de Balkan. Om de stemming er toch een beetje in te houden heb ik een Internationale-mix gemaakt, in het Roemeens, het Albanees en het Servo-Kroatisch; de eerste twee in strijdbaar marstempo, de laatste dramatisch Balkan. Maak er gerust een karoake van, want de teksten staan hieronder (helaas heb ik de Albanese versie nergens kunnen vinden)
Roemeens: Sculaţi, voi oropsiţi ai vieţii/ai ţăriiVoi, osândiţi la foame, sus! Să fiarbă-n inimi răzvrătirea, Să-nceapă al lumii vechi apus! Sfârsiţi odată cu trecutul negru, Sculaţi, popor de osândiţi! Azi nu sunteţi nimic în lume, Luptaţi ca totul voi să fiţi! Hai la lupta cea mare, Rob cu rob să ne unim, Internaţionala Prin noi s-o făurim! Hai la lupta cea mare, Rob cu rob să ne unim, Internaţionala Prin noi s-o făurim!
Servo-Kroatisch: Ustajte svi na zemlji kleti, Svi sužnji koje mori glad! Nepravdi razum sad se sveti, Tutnji već i selo i grad. Nek tiranstvo sruši naša snaga, Bezbrojno roblje sad ustaj! Nek svijetu starom nema traga, Svoj bijedi sutra bit će kraj! To će biti posljednji i Odlučni teški boj, Internacionala Nek bude ljudski rod! internationale.mp3