donderdag 18 december 2008
ruzie
woensdag 10 december 2008
verslinden

Slovenie maakt tegenwoordig deel uit van het Schengengebied. Dat betekent dat ze hun grenzen goed moeten bewaken en moeten voorkomen dat allerlei gespuis uit armere delen van de wereld onze welvaart komen opeten. Op het uitgestorven vliegveld van Ljubljana, waar vanochtend alleen een handjevol reizigers naar Belgrado zat te wachten, hebben ze wel een hele gekke manier gevonden om die mensen te ontmoedigen. Het volgende klonk herhaaldelijk door de galmende hal: "Er zijn verschillende soorten migranten: illegale, legale, economische en politieke. Je moet onderscheid maken. Als alle grenzen open zouden zijn en mensen konden gaan waar ze wilden, dan, zeggen sommige filosofen, zou het menselijk ras uitsterven. Mensen zouden elkaar verslinden. (Dit was) een verklaring van het hoofd van het departement van staatsgrenzen en... (dan versta ik het niet meer)." Geloof je het niet? Luister hieronder maar. En ik me nu maar afvragen wie die filosofen zijn.
dinsdag 9 december 2008
rookverbod
en dekentjes over de stoelleuningen gehangen:
Misschien zijn Slovenen niet zulke mietjes als wij. De terrassen zitten hier, ook bij -3 graden, tenminste gewoon vol met vrolijk rokende bierdrinkers met dekentjes over hun benen.geheim
Een eindje verderop in de straat van mijn hotel zit een edelsmit. Aan zijn naam te zien (Christoph Steidl) komt de man uit Oostenrijk. Hoe dan ook, zijn winkel annex werkplaats is alleraardigst (er hipt een tamme kraai in rond, die telkens weghipte zodra ik een foto van hem wilde maken) en hij maakt de prachtigste dingen. Kijk maar op zijn site.
Het bovenstaande is niet het geheim. Dat is dat ik er ook iets gekocht heb: een paar oorbelletjes van bergkristal, opaal en goud. Een tikje aan de dure kant, maar wel erg mooi. Ik ben niet van plan ze zelf te gaan dragen. Ik ga ze morgen bij thuiskomst aan Aleksandra geven. Gewoon een cadeautje. Ze weet natuurlijk nog van niks. En dat is het geheim. (Die kerstman heeft er overigens verder niks mee te maken.)
ontdekjeplekje





Bij het laatste (op het parlementsgebouw) vraag ik me af waarom al die mannen met stoere beroepen in vredesnaam in hun nakie zijn en waarom de man links naar het schijnt een gat boort in het hoofd van zijn buurman met de lamp.

En op sommige plekken staat de boel echt op instorten:
Mijn indrukken dus van Ljubljana na bijna twee dagen. Trek er vooral geen conclusies uit. Het zijn slechts de indrukken van een voorbijganger.maandag 8 december 2008
lesgeven
Ik was vanochtend even meester David Jan. Voor een niet al te groot gehoor van niet al te geïnteresseerde studenten journalistiek aan de Faculteut Sociale Wetenschappen te Ljubljana mocht ik iets vertellen over mijn ervaringen als correspondent te Moskou en te Belgrado. Het was een zware klus. Niet omdat het zo moeilijk is om iets te vertellen, maar omdat het de studenten volgens mij geen ene moer interesseerde. Ik had voortdurend het gevoel aan een dood paard te trekken. Dat was jammer.
De tweede bijeenkomst van de dag vond plaats in een gruwelijk lelijk gebouw, dat door veel Slovenen naar ik begreep juist als het hoogtepunt van de jarentachtigarchitectuur wordt beschouwd. Hier was de stemming heel wat geanimeerder. We zaten met zeven mensen (vier Sloveense vrouwen en drie Nederlandse mannen) achter een langwerpige tafel voor een rondetafeldiscussie over problemen waar journalisten zoals tegenaan lopen. Ik zal jullie niet met de inhoud vermoeien, maar, hoewel er maar weinig belangstellenden waren komen opdagen, was het een interessant gesprek. Ik was natuurlijk zo trots als een pauw toen ik het volgende op de videoschermen zag verschijnen:
Morgen zal ik toeristisch gaan besteden. Hoop jullie in de loop van de dag te kunnen vergasten op mooie plaatjes van een lief stadje, waar iedereen buiten kuhinjo vino (glühwein) staat te drinken.zondag 7 december 2008
(eindelijk weer eens) op pad
Oh mijn God, we worden ingehaald door een kruisraket. Was het slechts de propellor van het vliegtuig. Suffig als ik was, realiseerde ik me niet direct waar ik me bevond. Oh ja, in een vliegtuig op weg naar Ljubljana.
Ben net een uurtje in de hoofdstad van Slovenië en kan dus nog niet erg veel zeggen. Mijn eerste indruk? Ik zit vanzelfsprekend net op de enige verdieping van het hotel waar niet mag worden gerookt. (Grrrrr!!) Dat word illegaal uit het raam hangen.
Slovenen houden al net zo van lichtjes in de bomen als Serviërs.
Er stroomt een rivier door schemerend Ljubljana (de Ljubljanica, hoe kan het ook anders).
Er staat ergens op een pleintje een groot onuitgepakt cadeau..
maandag 1 december 2008
woepie!
Ik ga volgende week naar Slovenië, naar de hoofdstad Ljubljana om precies te zijn. Gebeurt daar dan iets? Nou, eigenlijk niet, behalve dan dat de World Press Photo tentoonstelling er te zien zal zijn en ik ook. In het openbaar nog wel. Ik ga daar allerlei wijze dingen zeggen over journalistiek in landen in transitie en meer in het algemeen over "De uitdagingen van de journalistiek: de valkuilen van vooringenomenheid, eenzijdigheid en druk van de markt". Pfoehh. Nou ben ik natuurlijk razend intelligent, maar jemig, wat moet ik daar nou in godsnaam over vertellen?Eerst moet ik een student of tachtig te woord staan op de universiteit en daarna is er een rondetafeldiscussiebijeenkomst met andere journalisten en allerlei hoogmogenden uit de Sloveense media. Misschien wel een heuse minister. Ik ben dan wel gewend om voor grote publieken op te treden, maar op radio en televisie zie je die mensen tenminste niet. Straks zit ik tegen al die hoofden aan te kijken en die gaan dan zitten gapen, uit hun neus zitten eten, op hun horloge zitten kijken of het nog geen tijd is en zitten kletsen met hun buurman of -vrouw. Misschien gaan ze wel propjes schieten of nog erger. En ik kan toch moeilijk een minister de klas uitsturen of strafwerk geven. De laatste keer dat ik in het openbaar heb gesproken was toen mijn vader vijfenzestig werd en geloof me, dat is al heel lang geleden.
Die rondetafelbijeenkomst (wedden dat de tafel vierkant is, of rechthoekig) staat onder voorzitterschap van mevrouw Vida Petrovčič (moet daar geen ć op het eind? Rare Slovenen...). Mij zegt die naam helemaal niets, maar ze schijnt in Slovenië erg bekend te zijn. Ze heeft ook boeken geschreven, zag ik op internet:

Ik neem maar aan dat dit over koken gaat.
Op zich is het natuurlijk leuk om naar Ljubljana te gaan. Ik kom daar zelden. Alleen op weg naar Nederland rijd ik er wel eens doorheen. Goede mogelijkheid om de Slovenen een beetje beter te leren kennen. Want ik mag dan wel denken dat er in die rijke uithoek van het voormalige Joegoslavië nooit iets gebeurt, daar denken zij waarschijnlijk heel anders over.

