Posts tonen met het label Slovenië. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Slovenië. Alle posts tonen

donderdag 18 december 2008

ruzie

Het lijkt zo'n vriendelijke landje, een soort van mini-Oostenrijk dat geen vlieg kwaad doet. Ik schreef er vorige week nog over: Slovenië. Maar het viel me toen ook al op: kom bij de gemiddelde Sloveen niet aan met buurland Kroatië, want dat kan gevaarlijke woedeëxplosies veroorzaken.
Er bestaat tussen de twee landen een aantal sluimerende conflicten, die zo nu en dan met enorm veel bombarie ontploffen. Het belangrijkste gaat over de Baai van Piran, een stukje Adriatische Zee van nog geen twintig vierkante kilometer. Kijk op het kaartje en je begrijpt direct waarom: de Baai van Piran is Sloveniës enige toegang tot internationale wateren. De Kroaten eisen er het exclusieve recht over op, omdat het valt onder een strook zee van 370 kilometer voor de eigen kust. Dat recht is internationaal erkend, maar het brengt een land als Slovenië dus in grote problemen.
Acht jaar geleden leek het even of het conflict was opgelost. De regeringen van Kroatië en Slovenië waren het eens over een deal, waarin 80 procent van de baai Sloveens zou worden en het resterende stukje Kroatisch. Het Kroatische parlement stemde daar echter niet mee in en sindsdien vliegen de partijen elkaar regelmatig weer in de haren.
De jongste loot aan de conflictenboom ontsproot gisteren. De Sloveense premier Borut Pahor verklaarde plechtig dat zijn land de voortgang van de onderhandelingen over toetreding van Kroatië tot de EU zal tegenhouden, zolang de Kroaten blijven dwarsliggen. De Kroaten, die hopen volgend jaar of anders in 2010 lid te kunnen worden, woedend. Chantage, zei hun minister-president, Ivo Sanader. En daar lijkt het eerlijk gezegd ook wel een beetje op. Aan de andere kant vraag ik me af waarom ze ze zelf nou zo moeilijk doen over een pietepeuterig stukje zee.
Toen ik vorige week over Slovenië schreef, beweerde ik dat het land eigenlijk geen Balkan is. Ik heb me danig vergist. Ze kunnen er net zo koppig zijn als in de rest van de regio.

woensdag 10 december 2008

verslinden


Slovenie maakt tegenwoordig deel uit van het Schengengebied. Dat betekent dat ze hun grenzen goed moeten bewaken en moeten voorkomen dat allerlei gespuis uit armere delen van de wereld onze welvaart komen opeten. Op het uitgestorven vliegveld van Ljubljana, waar vanochtend alleen een handjevol reizigers naar Belgrado zat te wachten, hebben ze wel een hele gekke manier gevonden om die mensen te ontmoedigen. Het volgende klonk herhaaldelijk door de galmende hal: "Er zijn verschillende soorten migranten: illegale, legale, economische en politieke. Je moet onderscheid maken. Als alle grenzen open zouden zijn en mensen konden gaan waar ze wilden, dan, zeggen sommige filosofen, zou het menselijk ras uitsterven. Mensen zouden elkaar verslinden. (Dit was) een verklaring van het hoofd van het departement van staatsgrenzen en... (dan versta ik het niet meer)." Geloof je het niet? Luister hieronder maar. En ik me nu maar afvragen wie die filosofen zijn.

ljubljana airport.mp3

dinsdag 9 december 2008

rookverbod

Slovenië is EU en dus mag er nergens in openbare gelegenheden worden gerookt. Ook niet in café's en restaurants. Daar wordt streng de hand aan gehouden, maar anders dan in Nederland, dames en heren horecabazen, hoor ik daar nauwelijks iemand over klagen. In plaats van te zeuren en de wet te ontduiken, laten ze hier de terrassen gewoon staan en hebben ze overal straalkacheltjes aangebracht:

en dekentjes over de stoelleuningen gehangen:

Misschien zijn Slovenen niet zulke mietjes als wij. De terrassen zitten hier, ook bij -3 graden, tenminste gewoon vol met vrolijk rokende bierdrinkers met dekentjes over hun benen.

geheim

Ik ga een geheim verklappen.

Een eindje verderop in de straat van mijn hotel zit een edelsmit. Aan zijn naam te zien (Christoph Steidl) komt de man uit Oostenrijk. Hoe dan ook, zijn winkel annex werkplaats is alleraardigst (er hipt een tamme kraai in rond, die telkens weghipte zodra ik een foto van hem wilde maken) en hij maakt de prachtigste dingen. Kijk maar op zijn site.

Het bovenstaande is niet het geheim. Dat is dat ik er ook iets gekocht heb: een paar oorbelletjes van bergkristal, opaal en goud. Een tikje aan de dure kant, maar wel erg mooi. Ik ben niet van plan ze zelf te gaan dragen. Ik ga ze morgen bij thuiskomst aan Aleksandra geven. Gewoon een cadeautje. Ze weet natuurlijk nog van niks. En dat is het geheim. (Die kerstman heeft er overigens verder niks mee te maken.)

ontdekjeplekje

Ontdekjeplekje episode Ljubljana. De hoofdstad van Slovenië is... mmmm, tsja, gut, wat is het eigenlijk? Nou ja, allereerst trots op het lidmaatschap van de Europese Unie.

En verder is het vooral schattig. Klein, je zou het pitoresk kunnen noemen, het centrum is autovrij, het doet Oostenrijks aan (niet zo gek gezien de geschiedenis), ze hebben hier ongelooflijk veel café's en restaurants, maar een cd-winkel en een boekhandel kon ik nauwelijks vinden. En het is vooral heel anders dan de andere hoofdsteden van de ex-Joe-republieken. Ik moet het met de Slovenen eens zijn: dit is geen Balkan, dit is Midden-Europa. Als ze hier niet een compleet andere taal zouden spreken, zou je zomaar kunnen denken dat je in Oostenrijk bent:


Je ziet overal om je heen allerlei aardige details.


Bij het laatste (op het parlementsgebouw) vraag ik me af waarom al die mannen met stoere beroepen in vredesnaam in hun nakie zijn en waarom de man links naar het schijnt een gat boort in het hoofd van zijn buurman met de lamp.
Vooral schattig, zei ik, maar als geen enkele stad niet alleen maar schattig.

Hier en daar kan nog wel wat opgeknapt worden:

En op sommige plekken staat de boel echt op instorten:

Mijn indrukken dus van Ljubljana na bijna twee dagen. Trek er vooral geen conclusies uit. Het zijn slechts de indrukken van een voorbijganger.

maandag 8 december 2008

lesgeven

Ik was vanochtend even meester David Jan. Voor een niet al te groot gehoor van niet al te geïnteresseerde studenten journalistiek aan de Faculteut Sociale Wetenschappen te Ljubljana mocht ik iets vertellen over mijn ervaringen als correspondent te Moskou en te Belgrado. Het was een zware klus. Niet omdat het zo moeilijk is om iets te vertellen, maar omdat het de studenten volgens mij geen ene moer interesseerde. Ik had voortdurend het gevoel aan een dood paard te trekken. Dat was jammer.

De tweede bijeenkomst van de dag vond plaats in een gruwelijk lelijk gebouw, dat door veel Slovenen naar ik begreep juist als het hoogtepunt van de jarentachtigarchitectuur wordt beschouwd. Hier was de stemming heel wat geanimeerder. We zaten met zeven mensen (vier Sloveense vrouwen en drie Nederlandse mannen) achter een langwerpige tafel voor een rondetafeldiscussie over problemen waar journalisten zoals tegenaan lopen. Ik zal jullie niet met de inhoud vermoeien, maar, hoewel er maar weinig belangstellenden waren komen opdagen, was het een interessant gesprek. Ik was natuurlijk zo trots als een pauw toen ik het volgende op de videoschermen zag verschijnen:

Morgen zal ik toeristisch gaan besteden. Hoop jullie in de loop van de dag te kunnen vergasten op mooie plaatjes van een lief stadje, waar iedereen buiten kuhinjo vino (glühwein) staat te drinken.

zondag 7 december 2008

(eindelijk weer eens) op pad

Eindelijk weer eens op pad. Veel te lang geleden naar m'n zin. Op weg hierheen, in het vliegtuig, had ik een vreemde gewaarwording. Zoals gewoonlijk in vliegtuigen zweefde ik op de rand van de slaap, had een vaag soort droom over een nucleaire oorlog. Ik open mijn ogen en wat zie ik uit het raampje?

Oh mijn God, we worden ingehaald door een kruisraket. Was het slechts de propellor van het vliegtuig. Suffig als ik was, realiseerde ik me niet direct waar ik me bevond. Oh ja, in een vliegtuig op weg naar Ljubljana.

Ben net een uurtje in de hoofdstad van Slovenië en kan dus nog niet erg veel zeggen. Mijn eerste indruk? Ik zit vanzelfsprekend net op de enige verdieping van het hotel waar niet mag worden gerookt. (Grrrrr!!) Dat word illegaal uit het raam hangen.

Slovenen houden al net zo van lichtjes in de bomen als Serviërs.

Er stroomt een rivier door schemerend Ljubljana (de Ljubljanica, hoe kan het ook anders).

Er staat ergens op een pleintje een groot onuitgepakt cadeau..

Een Sloveen iemand heeft iets op de stoep gespoten wat ik niet begrijp.
Tot slot: vanavond ga ik naar restaurant Sokol, want daar hebben ze volgens de taxichauffeur grote porties voor niet te veel geld. "Je moet zeker geen twee porties bestellen," zei hij er nuchter, maar om onverklaarbare redenen bij. Ik bestel gewoonlijk nooit twee porties in een restaurant. Hoe dan ook, als ik nu ergens behoefte aan heb, dan is het aan een grote portie. Van wat is even niet zo belangrijk. Op dus naar restaurant Sokol.

maandag 1 december 2008

woepie!

Ik ga volgende week naar Slovenië, naar de hoofdstad Ljubljana om precies te zijn. Gebeurt daar dan iets? Nou, eigenlijk niet, behalve dan dat de World Press Photo tentoonstelling er te zien zal zijn en ik ook. In het openbaar nog wel. Ik ga daar allerlei wijze dingen zeggen over journalistiek in landen in transitie en meer in het algemeen over "De uitdagingen van de journalistiek: de valkuilen van vooringenomenheid, eenzijdigheid en druk van de markt". Pfoehh. Nou ben ik natuurlijk razend intelligent, maar jemig, wat moet ik daar nou in godsnaam over vertellen?
Eerst moet ik een student of tachtig te woord staan op de universiteit en daarna is er een rondetafeldiscussiebijeenkomst met andere journalisten en allerlei hoogmogenden uit de Sloveense media. Misschien wel een heuse minister. Ik ben dan wel gewend om voor grote publieken op te treden, maar op radio en televisie zie je die mensen tenminste niet. Straks zit ik tegen al die hoofden aan te kijken en die gaan dan zitten gapen, uit hun neus zitten eten, op hun horloge zitten kijken of het nog geen tijd is en zitten kletsen met hun buurman of -vrouw. Misschien gaan ze wel propjes schieten of nog erger. En ik kan toch moeilijk een minister de klas uitsturen of strafwerk geven. De laatste keer dat ik in het openbaar heb gesproken was toen mijn vader vijfenzestig werd en geloof me, dat is al heel lang geleden.
Die rondetafelbijeenkomst (wedden dat de tafel vierkant is, of rechthoekig) staat onder voorzitterschap van mevrouw Vida Petrovčič (moet daar geen ć op het eind? Rare Slovenen...). Mij zegt die naam helemaal niets, maar ze schijnt in Slovenië erg bekend te zijn. Ze heeft ook boeken geschreven, zag ik op internet:




Ik neem maar aan dat dit over koken gaat.
Op zich is het natuurlijk leuk om naar Ljubljana te gaan. Ik kom daar zelden. Alleen op weg naar Nederland rijd ik er wel eens doorheen. Goede mogelijkheid om de Slovenen een beetje beter te leren kennen. Want ik mag dan wel denken dat er in die rijke uithoek van het voormalige Joegoslavië nooit iets gebeurt, daar denken zij waarschijnlijk heel anders over.